Ze schaatste op het hoogste niveau, ontmoette topsporters én zelfs de leden van het koningshuis, en stond midden in de hectiek van de Olympische Winterspelen. Maar wie denkt dat Linda de Vries alleen op het ijs schittert, heeft het mis. Nu brengt ze haar topsportmentaliteit elke dag mee het onderwijs in en dat maakt haar verhaal minstens zo bijzonder. "Ik wil de liefde voor bewegen doorgeven, bij Firda kan dat."
Passie
De passie voor de topsport en het bewegen heeft ze van kinds af aan. "Ik kon goed turnen en tennissen, maar mijn tennistrainer vond dat ik al vroeg moest kiezen om me te specialiseren. Dat kon ik niet, tot ik door een andere tennistrainer in aanraking kwam met de schaatssport. Tijdens de conditietrainingen bij tennis zag hij dat ik er talent voor had. Het enthousiasme voor een nieuwe sport was geboren." Linda’s ouders konden ook goed schaatsen. "Daar komt het talent denk ik vandaan", vertelt ze trots. "Het zit in mijn genen."
Van schaatsclub in Assen naar TeamNL
Ze begon ooit bij schaatsclub De Scheuvelloper in Assen en mocht zich al snel aansluiten bij de Drentse schaatsselectie. Vanaf haar studententijd bij het CIOS ging ze langzaam over naar Gewest Fryslân – één van de acht gewesten van de Koninklijke Nederlandsche Schaatsenrijders Bond (KNSB). Hier schaatste ze zich in de kijker en dat leverde haar een plek op in commerciële schaatsploegen als LIGA, TVM, Team New Balance en Team Platina. En in de TeamNL-schaatsploeg bij Ireen Wüst. "Ineens mocht ik van mijn sport, mijn werk maken."
Eigenlijk was haar plan om na het CIOS aan de ALO te beginnen, maar de kans om topsporter te worden kon ze niet laten liggen. Ze stopte met de ALO en de tien daaropvolgende jaren leefde ze voor het schaatsen. Maar twee keer de Olympische Spelen nét niet halen, deed haar anders naar de toekomst kijken. Ze besloot de ALO alsnog af te maken en zich op het docentschap te richten. "In het onderwijs kan ik mijn passie delen. Ik wil studenten laten ervaren hoe waardevol bewegen is. Voor je lichaam, je zelfvertrouwen en je ontwikkeling."
Bewegen als basis
Inmiddels werkt ze alweer 8 jaar bij CIOS Heerenveen Leeuwarden/Firda. Elke dag opnieuw ziet ze hoe belangrijk bewegen is. "We doen steeds minder aan sport en bewegen en sportlessen worden bij veel basisscholen teruggeschaald. En dat terwijl het ontzettend goed is voor de cognitie. Sport leert jongeren samenwerken, spelen en grenzen verleggen. Dat is onmisbaar."
Ze vindt dat het mbo hier een mooie bijdrage aan kan leveren. "Dat onze studenten activiteiten organiseren waarmee ze leerlingen in beweging brengen. Een uur lang niet in het lokaal, maar met de hele klas in beweging. Dat is niet alleen goed voor hun ontwikkeling, maar ook voor de werkdruk van de leerkrachten. En voor onze studenten is het een mooie leerschool. Een win-winsituatie."
Topsport is keuzes maken
Hoewel ze niet meer actief schaatst, is Linda nog nauw met de topsportwereld verbonden. Niet alleen als docent, maar ook als topsportcoördinator bij Firda Heerenveen. Met haar eigen ervaringen helpt ze studenten die topsport met studeren combineren nu op weg. "Topsport betekent doorzetten en dat je je af en toe even moet afsluiten. Dat betekent ook dat je soms ergens niet bij kunt zijn. Als topsporter én student moet je keuzes maken: wanneer ga je wat leuks doen met klasgenoten, wanneer is het belangrijk om de focus op school te hebben en op welke momenten richt je je op de topsport. Ik help hen om de juiste keuzes te maken."
Als sporter verandert vooral de wereld om je heen, maar zelf verander je eigenlijk niet. Je doet wat je leuk vindt.
Van Thialf naar Milaan
Naast haar baan als docent is ze speaker en interviewer in Thialf, waar ze veel bekende sporters regelmatig spreekt. Dit leverde haar onlangs een heel bijzondere uitnodiging op: NOC*NSF vroeg haar als host voor het TeamNL Huis tijdens de Olympische Winterspelen in Milaan. Dé plek waar Oranje thuiskwam, waar wedstrijden live werden gevolgd en waar samen met de topsporters werd gejuicht en gevierd. Ze vertelt er nuchter over: "Het zijn uiteindelijk gewoon mensen. Ik zie ze bijna wekelijks in Thialf, daar sprak ik ze in Milaan. Als sporter verandert vooral de wereld om je heen, maar zelf verander je eigenlijk niet. Je doet wat je leuk vindt."
In Milaan begeleidde ze families van onder andere Femke Kok, Jorrit Bergsma, een aantal shorttrackers, medaillewinnaars én de familie van een oud‑student: Anne Boersma. "Hen op hun gemak stellen en voor ze klaarstaan." Haar vaardigheden als docent kwamen er goed van pas; voor een groep staan, duidelijkheid geven, leiding nemen, zorgen dat iedereen op tijd is en voor mensen zorgen. "Zo zorgde ik ervoor dat alles op rolletjes verliep."
Een kijkje achter de schermen
Wat ze het leukste vond, was zien hoe het in zo’n TeamNL Huis werkt. "Je kijkt mee in een andere organisatie en ziet wie welke taken heeft. Als docent vallen dan ook snel de kleine fouten op. Bijvoorbeeld dat iemand de volgende dag met hetzelfde polsbandje naar binnen kon, terwijl dat eigenlijk maar één dag geldig was. Dat zijn dingen die ik automatisch zie. Een scherpe blik zullen we maar zeggen", zegt ze gekscherend.
Het meest bijzondere moment in Milaan was het bezoek van de koning en koningin aan het TeamNL Huis. "Maar ook dat voelde heel normaal. Sport verbindt, zelfs in het koningshuis."
Betekenisvol werk
De indrukken uit Milaan neemt ze mee terug naar haar studenten. "Er werken in zo’n huis veel vrijwilligers. Dat zou voor studenten een prachtige stageplek zijn." Maar vooral leerde ze hoe belangrijk haar rol was. "Ik heb veel families gesproken die dankbaar vertrokken. Dan zie je hoe mooi vrijwilligerswerk is. Het laat zien dat jouw werk ertoe doet. Deze ervaring gun ik iedereen."