Samen dansen in de modder, op naar een ‘transformatieve leeromgeving’

Het mbo moet jongeren voorbereiden op een toekomst in een woelige wereld, die waarschijnlijk hun hele leven in transitie zal blijven. Dat vraagt ruimte om te ontdekken wat en wie zij willen zijn, om te experimenteren met nieuwe methoden en materialen. Dat vraagt ook om ander onderwijs, stelde Menno Wierdsma donderdag bij zijn inauguratie als practor Duurzaam Denken Duurzaam Doen bij Firda. ‘Maar hoe? Dat gaan we samen ontdekken.’

Practor Menno Wierdsma

Een richting heeft hij wel in gedachten. We moeten toe naar een zogeheten ‘transformatieve leeromgeving’, waarin studenten vaak zelf aan de slag gaan om samen met docenten en liefst ook vakmensen te ontdekken en soms ook ‘aan te klooien’. Toetsen? Dat kan, maar lang niet altijd. ‘Hoe wil je toetsen bij een vraag als: wie wil jíj zijn in deze wereld?’ 

De balans tussen kwalificatie en ruimte vraagt om een nieuwe afstemming, stelde Wierdsma in een bevlogen betoog.  Want bij duurzaam denken en duurzaam doen gaat het - naast mooie ontwikkelingsdoelen als de SDG’s van de Verenigde Naties – ook om ‘inner development goals’: ‘Duurzaamheid begint immers bij jezelf.’ Dat draait om waarden wegen. ‘Er is niet één goede weg. Neem het voorbeeld van een bloemetje als dank. Dat komt vast uit een kas en zit vol pesticiden. Kun je dan nog een bloemetje geven? Of niet?’

Kleine en grote vragen

Zo liggen er veel kleine én grote vragen, waarop goed onderwijs jongeren kan voorbereiden. Dat is hard nodig, in het vak en als burger. ‘Als we zo doorgaan, hebben we vier aardbollen nodig .’ Maar veranderen moet niet te radicaal. ‘We moeten rekening houden met draagkracht.’ Als we maar vooruit gaan, want daar liggen kansen. En de rol van docenten daarin? ‘Wij zijn compost’’, stelde Wierdsma. ‘Wij voeden de volgende generatie, die zich zo maximaal kan ontwikkelen.’

Wel zijn er handvatten en kaders. Zo moet een ‘transformatieve leeromgeving’ gericht zijn op de praktijk in een regio. Alle deelnemers moeten hierin mee, dus ook docenten om te leren in een nieuwe rol. Het onderwijs moet ook veranderen. Maar er is bij Firda al een mooie beweging in die richting, aldus Wierdsma, in de vorm van hackatons, projecten en andere activiteiten die studenten op alle niveaus aanzetten tot doen én nadenken over het waarom hiervan. 

Samen dansen

De practor had een aantal aansprekende voorbeelden van binnen én buiten Firda verzameld in het programma rond zijn inauguratie. Zo konden gasten kennismaken met methoden om met studenten in gesprek te gaan, maar ook om te spelen in varianten van bijvoorbeeld Dungeons and Dragons. De plek was ook bijzonder: OPNIEUW! in Buitenpost, waar oud kantoormeubilair heel inventief wordt opgeknapt voor een nieuw leven. Dat bedrijf is in vijf jaar enorm gegroeid. 

Helemaal in stijl was het buffet voor de gasten strikt vegan. Jammer genoeg moest gastspreker Bas van den Berg van de Haagse Hogeschool zijn betoog over een wereld in transitie wegens ziekte houden vanaf een beeldscherm. Onderwijs moet aandacht hebben voor kennis, skills en waarden en de lastige balans tussen creërende en afbouwende krachten, was zijn boodschap. ‘De wereld is complex, maar we kunnen stappen zetten.’

Bestuurslid Carlo Segers van Firda benoemde het practoraat als ‘een steen in de vijver leggen, zodat het water anders gaat lopen’.  Als symbool kreeg Wierdsma een afbeelding van een eikel, die insecten - ‘anderen dus’ - nodig heeft om te ontkiemen en uit te groeien tot een machtige boom. En de practor had zelf ook een beeldspraak: ‘We staan in de modder. Maar als we  verder kijken en langzaam maar bewust bewegen, kunnen we samen misschien gaan dansen.’

In de Leeuwarder Courant stond woensdag een interview met Menno Wierdsma.